effata-logo
Kroniek van de maand mei

Op 1 mei bestaat onze broedergroep De Bremstruik in Roeselare 5 jaar en daarom houden ze een ontmoetingsdag in het prachtige Centrum Groenhove ‘Virgo Fidelis’ te Torhout. Onbekend is onbemind, dus gaan Chris en ik in op de vriendelijke uitnodiging van Werner Vanmoerkerke om er Effata te vertegenwoordigen. In zijn inleiding schetst Freddy Kindt de twee terreinen waarop
De Bremstruik nu van een organisatie naar een beweging wenst te evolueren, nl. enerzijds de spirituele basis uitgaande van de vaststelling dat de groep is thuisgekomen bij de redemptorische familie en anderzijds het werk maken van gemeenschapsvorming om een dragende groep te worden. Frans De Maeseneer borduurt verder op de toespraak van pater Lasso (ons bekend uit de boekenclub!), verlaat het pessimisme en zoekt naar middelen om als minderheidsgroep bij te dragen aan ‘de kwaliteit, de vastigheid van leven’. Daar komen we door religieus denken mét contemplatief leven, maar dat kan niet zonder reconversie van onze instituten, onze structuren, over de grenzen heen, met gelijkgezinden, door te werken aan een productief model in missionaire solidariteit.
Het klinkt wat stijf, maar dat ‘productief model’ betekent dat je ‘mag’ en ‘kan’, dat je geen compromissen ‘moet’ sluiten (“paters moeten geen parochie leiden, ik hoop dat dat niet te lang duurt”). En ‘solidariteit’ betekent dat leken meewerken, niet gelijkwaardig, maar in een volwaardig partnerschap, en dat alles niet op ‘een eilandje van troost’. Dirk Boone van de Oude Abdij te Drongen spreekt over de evolutie die de uitbating van de oude abdij de laatste jaren sinds 1998 heeft gekend, van bijna een anoniem congrescentrum naar een kwetsbare ‘niet-communauteit’ met inwonende gezinnen. Zij hebben van de Jezuïeten verantwoordelijkheid gekregen, bezondigen zich niet aan teveel visie, maken enkel publiciteit voor hun activiteiten en waken er als leken over dat ze contemplatief zijn in de wereld. Hun hoop dat er ook weer een actieve communauteit van Jezuïeten kan ontstaan wordt wellicht werkelijkheid. We nemen deel aan een gespreksgroep, maar praten begrijpelijkerwijze meer over Effata dan over wat bruikbaar was voor De Bremstruik.
We wandelen in het uitgestrekte domein en maken kennis met andere leden van de groep, drinken koffie met zelfgemaakte taart en vieren met Werner en de gemeenschap mee in de stemmige kapel. Eén woord van Mieke Corneillie blijft hangen, een woord als een briesje: “Vrede zij u”.

Stuurgroep op 4 mei: de reis naar Wittem moet, bij gebrek aan koorbegeleiding uitgesteld worden tot in augustus, maar we zúllen er de Majellamis zingen!

Jeroen en Lies verwelkomen ons op de Effataviering van 6 mei die in het licht staat van hun Plechtige Communie. Het evangelie volgens Johannes (10, 11-16) gaat over de Goede Herder, dus over roeping, over roeping tot gedoopte mens, die de sterkte, de openheid, de aanvaarding van Jezus doorgeeft. Herder wórdt je, met stappen te zetten, met keuzes te maken. Lies en Jeroen hebben die keuzes gemaakt en ze uitgedrukt in een reeks zinnen met als beginletters de letters van het woord ‘Palmzondag’. ‘O’ van Oxfam, ‘g’ van gemeenschap, ‘z’ van ‘Zachtjes los’, ‘a’ van Alleluia, … . Ze zijn goed voorbereid door hun catechisten Bernadette, Anneleen en Ignace,
en door Odette en Frans, hun Effatameter of –peter: dat blijkt uit hun antwoorden op Guido’s vragen. Maar ze drukken ook hun geloof uit, in Jezus en de Effatagemeenschap en beloven hun best te doen om hun beloften waar te maken. Wij bidden God hen nabij te zijn met Zijn Geest en hen de liefde te zijn die hen aantrekkelijk maakt. Na het grote dankgebed ‘Daar waar vriendschap is en liefde’ (101), delen Jeroen en Lies met Guido en met ons brood en wijn.
Geschenken zijn er ook: de kaars met hun naam die sinds het begin van de Advent op het altaar stond, een splinternieuwe kaars die nu wordt aangestoken aan de paaskaars, een prachtbijbel waar wij allemaal onze naam mogen in schrijven als een wens en een indianenkruisje. De voorbeden zijn herinneringen, dromen en wensen van moeder Mieke en vader Vincent, van vader en moeder Isabella en Jo, voor hun kinderen tussen groot en klein, kinderen die hun eigen boeiende tocht gaan, die ze nooit alleen zullen laten met hun vragen. Wensen ook van Effatameter en -peter Odette en Frans, van Julie, die er bij is, en van Leen en Marleen. Wij vragen “de levende eerste en laatste moeder vader God onspreekbaar” om Zijn zegen en vrede. Wij zingen: ‘Alleluia’, begeleid door Jeroen op zijn saxofoon, zeker van zijn stuk. De receptie is in de feestelijk versierde Effatazaal met Effatataart, wijn, koffie en frisdrank en een gezellige babbel: een langverwacht feest is ook alweer voorbij!

Tabor op 10 mei: Nicole leidt ons door het slot van het Lucasevangelie: van het verhaal van de leerlingen uit Emmaüs tot aan Jezus’ hemelvaart, een verhaal van verschijnen, verdwijnen, verrijzen, opstanding en getuigen: misschien is Jezus werkelijk aanwezig als hij weggaat?

Repetitie op 12 mei: We herhalen Marialiederen, het is toch Meimaand! Voor velen is Jubilate Deo (82) nieuw, en toch is het simpel om aan te leren. Heel wat minder eenvoudig is: ‘Onze Vader verborgen’ (103) op muziek van Tom Löwenthal, maar het wordt prachtig, met nog wat inoefenen en heel wat meer ‘Andante cantabile’!

De Effatagemeenschapsviering gaat over verbondenheid met Jezus van Nazareth, altijd opnieuw samenkomen, een stap verder doen. We lezen het evangelie van Johannes, 15, 1-8, over de wijngaard, een beeld dat heel bekend is, maar dat we positiever moeten bekijken, met een beeld van God die met grote zorg snoeit opdat die ene rank toch vruchten zou dragen, opdat we een levende rank zouden zijn. Het is een groots beeld: die wijnstok, met heel diepe wortels tot op de waterlagen, die groen blijft in de grootste droogte en felste hitte, omdat hij verbonden blijft met wat leven geeft. Wij bidden voor kleine Eli, die hier op 4 februari werd gedoopt en voor wie we toen hebben gebeden: “en maak van hem een gelukkig mens,”: nu bidden we: “maak van hem een gezond mensje”. Wij bidden voor de gezinnen die geraakt zijn door wat in Antwerpen gebeurde en vooral voor kleine Luna. Maar het is ook ‘Vrouwendag’ en Fons en Jean hebben uit Réunion koralen en lavasteentjes meegebracht als geschenk voor ‘onze’ vrouwen: koralen die doen denken aan verrassend helder water, lavastenen die het beeld van de verassende vulkaan oproepen.

Hoewel er veel wind is, waaien de Effatamensen maar langzaam binnen voor de viering van 20 mei. Er zijn ook weinig kinderen en bijna staat kleine Nick heel alleen voor het aansteken van al die kaarsen: het is dan ook de tijd van de Vormselfeesten. We zingen over vriendschap: klinkt dat niet een beetje te ‘soft’ in deze tijd waar een jonge man van achttien met racistische motieven op mensen schiet, zelfs op een kind van twee jaar? In deze tijd waarin politiek gewin gehaald wordt door angst de wereld in te blazen? Het evangelie (Johannes, 15, 9-17) doet op die twijfel nog een schepje bovenop en spreekt over verbondenheid met God in liefde. Daar staan we dan met die harde samenleving en wat ons in de tekst vooral treft is niet: “leven geven voor vrienden” maar: “ík heb jullie gekozen om op tocht te gaan”. Voor ons betekent dat: Gods liefde was er vóór we fouten konden maken, Hij was bereid ons te vergeven vóór we fouten maakten en we kunnen dus niets anders dan dat beeld van liefde doorgeven aan de wereld om toch érgens wat hardheid te doorbreken. We bidden voor iemands doopmeter, voor mensen zonder papieren, voor de vormelingen, voor onze goede bedoelingen. Ik hoop dat Hij onze voeten richt op de weg van de vrede.

Op 24 mei zingt het Effatakoor, met Filip aan het orgel, in de vormselviering van het MPIGO De Oase in de kerk van de Voskenslaan. Een grote groep vormelingen van de school, Brahim die zijn eerste communie doet, Nada een volwassen vrouw uit Kroatië en ‘ons’ Lies, worden vandaag gevormd door vormheer Luc Maes. Op zichzelf is dat een lange viering voor al dat jonge geweld, maar Nadine, de directrice, en haar catechisten hebben ze goed voorbereid. Toch is er een opa voor wie het allemaal een beetje te lang duurt en het feest bederft voor zijn kleinkind.
Handoplegging en vorming: wij bidden voor al die jonge mensen, dat de ouders nooit hun hand wegtrekken van hen, zoals ze vandaag, velen aarzelend, een oeroud gebaar van liefde, bescherming en herkenning naar hun kinderen hebben gemaakt. Wij stonden er ook rond om hen te laten zien dat ze voor ons zeker meetellen. Het is dan ook voor velen een ‘Happy Day’ en wij krijgen een vriendelijk aandenken en een ‘tot volgend jaar!’.

Voor de viering van 27 mei moet je feitelijk gewoon in de eerste brief van Johannes, 1 Joh. 4, 11-16, lezen: “Nooit heeft iemand God gezien” en “God is liefde: wie in de liefde woont, woont in God en God is met hem”. Hadewijch, de sterke hartstochtelijke mystica uit de dertiende eeuw, maakt het duidelijk: “Je kunt niet naar God kijken, God is enkel licht. Dus: achter u staat God en in dat licht herken je Hem vóór u in de mensen en in de schepping.” Dat helpt ons deze wereld zo goed te maken als wij kunnen, aanvaard te worden zoals wij zijn, kinderen op duizend handen te dragen, iedereen te laten zien dat hij/zij belangrijk is in de gemeenschap, te zingen voor Lies en al de vormelingen van de ‘Voskenslaan’. Wij trachten die ervaring: dat mensen geliefd zijn zonder dat ze iets speciaals kunnen, door te geven, met Jezus als voorbeeld. Hij die naar mensen ging, vóór ze naar Hem toe moesten komen. Ook de bezinning spreekt over kiezen voor elkaar, over elkaar prijzen, over samenwerken. En wij bidden en danken samen met Lies en Leen en Pieterke voor al de gevormden van de ‘Voskenslaan’.

Mei sluit af met Tabor: Chris Clarysse spreekt over Pinksteren. We zijn tot klaarheid gekomen, zoals een vrucht tijd nodig heeft om tot rijpheid te komen, vijftig dagen na Pasen, in het bijzijn van mensen die ons een warm hart toedragen. Zoals de leerlingen zijn wij uitgezonden om gemeenschap te vormen en met de hulp van de Geest samen Gods liefde uit te dragen.

Alles is nu al heel groen door de vele regen, laat nu de zon maar alles goudgeel en warm maken!

 

Wouter, nu en dan een beetje geholpen, vrijdag 2 juni 2006

 

afdrukbare versie