effata-logo

Kroniek van de maand juli 2008

Al poetsend met velen wordt de maand juli ingezet: het is toch passend dat wij de kapel en de lokalen die we mochten gebruiken voor de Ontmoetingsdag netjes achterlaten.

 

Op 5/7 trouwen Rinus en Jessica in de kerk van Baarle-Drongen. Jessica is de dochter van Herman en Agnes, dus is het koor volmondig ingegaan op de vraag om die viering te zingen.
Guido is voorganger en dus vervangt Ilse hem af en toe, Filip begeleidt ons op de piano, Adinda speelt op de dwarsfluit: wat een luxe voor een koor! Maar mogen zingen voor zo’n spontaan paar (ze kussen elkaar zelfs iets te vroeg voor de eerste keer als man en vrouw), luisteren naar het verhaal over de zes kruiken (trouwen is iedere dag het wonder van Kana herhalen!), kruiken met jonge witte wijn, ik kan je niet missen, rode wijn, ik verlang naar jou, luchtige wijn met de namen van de kinderen, omfloerste wijn, liefde is altijd opnieuw beginnen, wijn als tranen van verdriet en vergeving, purperen wijn in een breekbaar kruikje: ik zal met jou graag willen sterven. Hun huwelijk en hun beloften worden ingezegend, ze krijgen een mooie kaars in piramidevorm (daar kan het stof niet blijven opliggen!), wij zingen voor hen en voor al die mensen die weer eens verrast zijn: “Kan het zo ook?” We bidden voor Rinus en Jessica, voor al wie hen lief is, voor wie hún avontuur op een mislukking is uitgelopen, voor ruimte in de liefde voor iedereen. We zenden hen op weg met een ontroerende ‘Old Irish Blessing’, rond het bruidspaar en de familie: ja, zo kan het ook!

Later volgt in Aalter een piekfijne receptie, het weer wil wel niet mee, maar hún geluk kan niet stuk!

 

De stuurgroep gaat evalueren en plannen van 2 tot 4/7 in Watervliet, in ‘De Toren’ een gerenoveerd klooster dat als gastenverblijf is ingericht. We hebben het verblijf voor ons alleen, de ontvangst is vriendelijk, de uitgebreide broodmaaltijden lekker en verzorgd. We kunnen dus volop werken, eerst aan de evaluatie van de vele aspecten van de gemeenschap van het voorbije jaar, dan aan de toekomst en de afspraken. Voornaamste afspraken zijn die over het Clemensproject waarvoor de werkgroepen starten in september, over het ‘professiefeest van Guido op 13/9 en over de absolute noodzaak de eigenheid en huidige werking van Effata te bewaren.

 

Indrukken over de reis van 7 tot 14/7 naar Italië, naar de stichtingsplaatsen van de redemptoristen?

Het is allemaal een beetje verwarrend: een reis waarvan je een deel al gedaan hebt, maar toch met nieuwe te bezoeken plaatsen, met een groep die voor een deel uit andere mensen bestaat, met voor enkelen een valse start doordat Brussels Airlines met dagen vertraging hun bagage in Scala komt afleveren.

Maar het is wel een reis om niet te vergeten: de tocht naar en het verblijf in het gastenverblijf van de Instituto La Palma van de franciscanen in Napels, de smalle straten en de trappen, de Duomo en de drukte, het gegoochel met pizza’s, het geboortehuis van St. Alfonsus in Marianella, de vele plaatsen die aan hem doen denken. Het bezoek aan de opgegraven gedeelten van Herculaneum, kleiner dan Pompeï, maar even leerzaam, even hallucinant als je je tracht in te leven in wat er zo lang geleden daar gebeurd is.

De aankomst in Scala, de valiezenweg naar Casa Anastasio, het herkennen van onze verblijfplaats, het inrichten van de kamers, de eerste boodschappen, weer zoveel trappen naar beneden (en dus ook naar boven!), de verse vijgen geplukt aan de boom in de tuin, de eerste gezamenlijke avondmaaltijd en spijtig genoeg soms de ochtendlijke rookgordijnen.

De viering en het zingen in de grot van Alfonsus, de 2000 trappen naar Amalfi met rustpauze en niet bestelde werkhelikopter, het strand voor sommigen, de kathedraal, het museum en de crypte van San Andreas voor anderen, koffie, grappa en limoncello voor velen. De rit met de bus over de bergen van Amalfi, het bezoek aan het klooster en de kerk in Pagani en picknicken in de hete kloostertuin, het vriendelijke onthaal en het bezoek aan Coriani met de eerste kapittelzaal: het zingen in de Sarnellikapel gaat steeds beter, voor velen is de beloning een ijsje.

Wie wil doet, vertrekkend in de vroege ochtenduren, de klim naar Maria dei Monte, over een ‘goed’ pad, steil met altijd weer nieuw opdoemende trappen, steeds steiler en moeilijker tot de top, 700 meter hoger, met een prachtig uitzicht en met dank aan wat bemoedigende woorden. Met een oude man die oregano plukt en een ezeldrijver met vier ezels, volgeladen met takkenbossen, op hun weg naar beneden. De kapel op de top is er niet meer, wel een schuilplaats voor herders en heel veel vliegen. Die raken we kwijt, al afdalend tot aan een rotsachtige picknickplaats. Anderen rusten uit of bezoeken Ravello, het oude dorp (of stad?) aan de andere kant van de vallei, waar ze toevallig een heuse bruiloft meemaken.

Ook in Muro Lucano, op weg naar Materdomini, is het drukkend warm dus gaat alles veel trager. Onze gids komt niet opdagen, maar hij heeft er wel voor gezorgd dat we het geboortehuis van Gerardo Majella kunnen bezoeken. Voor wie er eerstdaags komt: op een bank op een pleintje ligt een vergeten petje, meebrengen graag! Dan naar Materdomini, naar ons driesterrenhotel. Het moet weer lukken: ook hier is net als in Casa Anastasio de waterspoeling van het toilet defect, dus krijgen we een andere kamer, een frissere kamer, hoewel dat relatief is bij de heersende buitentemperaturen. Zaterdagavond, heel veel volk op de been in de hoofdstraat (er is er maar één) van Materdomini. Op het terras van het ijssalon, annex bar, annex danstempel, is het gezellig én goedkoop zitten tot binnen in het gebouw de geluidsinstallatie op volle kracht wordt aangezet: dan is het gezellige voor velen er al gauw vanaf …

Materdomini is helemaal opgebouwd als heiligdom rond St. Gerardus Majella en omdat het zondag is, komen heel veel pelgrims vandaag op bedevaart. Wij bezoeken het heiligdom en het museum, deze keer in sneltreintempo, daarna kan iedereen die wil, alles wat nader gaan bekijken. ’s Namiddags bezoeken we de indrukwekkende ruines van de abdij van Goleto uit de 12 de eeuw, die nu voor een deel prachtig gerestaureerd zijn en bewoond door de broeders van Jezus Caritas, een gemeenschap die leeft volgens de inspiratie van Charles de Foucauld. In Lioni bezoeken we naast de oude, na de aardbeving van 1980 herbouwde, kerk, ook de moderne kerk met de koperen Effatadeur. Niet iedereen is even enthousiast over de opbouw van de kerk en het is juist, er zijn wel wat ‘betonoverdrijvingen’. De sacramentskapel blijft voor mij wel even mooi. Na al dat ernstige kan er nu een ijsje vanaf: het is opmerkelijk hoe de Italianen de aankoop en betaling georganiseerd hebben op ‘Pruisische’ manier.

De reis zit er weer op, jong en oud evalueert en we danken Jelle op onze manier voor zijn kundige voorbereiding en leiding.

Het valt mij op dat wij weinig gezongen hebben “Laudate, omnes gentes”, maar des te meer “Old Irish Blessing”: loven deden we al in de vieringen, deze groep en Effata in het algemeen hebben ook zegening nodig! En we zagen de steeneik en de kastanje, maar dát lied zongen we niet … iets te moeilijk voor een klein koor.

 

In juli zijn er geen activiteiten bij Effata, zegt men.

 

Wouter, maandag 28 juli 2008

 

afdrukbare versie